Foto's
ABCDEFGHIJKLMNOPQRSTUVWXYZ

Terug


Blauwborst  Luscinia svecica  © Erik Toorman


Deze (Witster)blauwborst heeft de jongste decennia een “zachte kolonisering” van Noordwest-Brabant gekend.
Doorgaans komen de eerste vogels toe in maart en vertrekken de laatste in augustus of september.
De rest van het jaar wordt in Spanje en Noord-Afrika overwinterd.

Hij broedt in de regio nu regelmatig, maar in beperkt aantal gezien het schaarse aanbod van geschikte nestplaatsen – en mogelijk onder invloed van klimatologische omstandigheden, waardoor noordwaartser wordt getrokken om te nestelen.

Het is steeds aangewezen de nodige voorzichtigheid in acht te nemen bij het inventariseren. Mannetjes kunnen tussen twee zangstonden in zeer snel over de lage vegetatie laveren om een “nieuwe” zangpost in te palmen.
Ook mag men zingende doortrekkers niet over één kam scheren met vermeende broedvogels.

Een zekere ervaring leert dat warme en windstille valavonden (na 21 uur) zich goed lenen tot het tellen van zingende mannetjes – en dit liefst vlak na het afsluiten van de doortrekperiode in het voorjaar.
Om overschatting tegen te gaan, beperkt men zich best tot vogels die simultaan zingen op verschillende plaatsen.
In volle broedperiode kan de zang plots volledig stilvallen.

De soort heeft in de periode 1953-1956 gebroed in de Woluwevallei, en in 1962 mogelijk te Melsbroek. Waarschijnlijke broedgevallen waren er langsheen de Vilvoordse wachtbekkens op de Woluwe in 1984 en 1987. De eerste waarneming voor Groot-Grimbergen werd op 01.05.1986 geboekt in het Domein van Borgt (nu “Ter Tommen” geheten) waar de soort inmiddels verdwenen is.

Momenteel (deze eeuw) handhaaft de soort zich klaarblijkelijk in miniem aantal nog te Perk, Opwijk en Brussegem.
De twee “grotere” bastions zijn evenwel het Bos van Aa te Zemst (vermoedelijk 4-7 paartjes in 2002/2003) en het complex Cargovil/Nelebroek/Dorent (vermoedelijk 1-3 paartjes in 2002/2003).
Laatstgenoemd gebied ligt in de grenszone van Eppegem, Vilvoorde en Grimbergen en wordt sterk bedreigd door het oprukkende businesspark Cargovil. Ooit werden hier in het voorjaar meerdere zangposten geteld: 8 (1994), +8 (1999) en 10 (1998).

Het ontbreken van een witte ster bij “gewone” Blauwborsten komt geregeld voor.

Van een Roodsterblauwborst is in de “Inventaris van de vogels van Brabant, 1900-1974” (Herroelen en De Fraine 1975) en in de 29 verschenen BAHC-rapporten geen enkele gehomologeerde melding terug te vinden.
 

© Karl Vanginderdeuren


Terug

Vogelwerkgroep Noordwest-Brabant. Natuurpunt